universiteit

image_pdfimage_print

Institut de Pathologie

In de late jaren 1870 nam de studentenbevolking van Leuven drastisch toe. Daardoor voldeden de her en der verspreide gebouwen waar geneeskunde onderricht werd niet langer. De wet schreef immers voor dat de universiteit over voldoende ruimten voor practica en laboratoria moest beschikken.  Om tegemoet te komen aan de noodzaak om nieuwe, aangepaste gebouwen op te richten, kocht de universiteit een domein met tuin van een adellijke familie. Dit domein lag achter het reeds bestaande gasthuis.

Dank zij een schenking van de ultramontaanse bisschop van Luik kon nog datzelfde jaar worden gestart met de opmaak van de plannen. Voor het ontwerp werd beroep gedaan op een jonge hoogleraar verbonden aan de Faculteit Toegepaste Wetenschappen. Kort daarop werd de bouwaanvraag door de stad goedgekeurd. Nog geen jaar later, in 1877, werd het instituut met veel luister ingehuldigd.

Het instituut werd opgetrokken in neogotische stijl en omvatte een auditorium voor 200 studenten met aanleunend een dissectiezaal. Via het binnengebied was de campus rechtstreeks verbonden met het meer noordoostelijk gelegen gasthuis. In de loop der jaren werd het complex nog uitgebreid met auditoria, laboratoria en dissectiezalen.

Sinds enkele jaren staat het gebouw grotendeels leeg. Het pathologisch instituut was tot voor kort nog deels in gebruik. De sloopwerken op de site begonnen eind 2019.

 

 

Val Benoit

De universiteitssite van Val Benoit is een architecturaal geheel in modernistische stijl. Het dankt zijn naam aan het feit dat op deze plaats ooit een abdij van de orde der cisterciënzers gevestigd was. Die werd er al gesticht in de 13de eeuw. Ten gevolge van de Luikse Revolutie werd ze gedeeltelijk gesloopt. Gedurende de Tweede Wereldoorlog werd wat er nog van overbleef verwoest door bombardementen.

Tussen 1930 en 1965 zocht de universiteit van Luik naar uitbreidingsmogelijkheden omwille van de toename aan studenten. Daarom bouwde ze hier een aantal nieuwe faculteiten. Dit instituut voor toegepaste chemie en metallurgie was er daar een van. Het gebouw werd in 1937 in aanwezigheid van Leopold III ingehuldigd. Vanaf 1967 week de universiteit stelselmatig uit naar de nieuwe, centrale site in Sart-Tilman.

Vanaf 2006 werd de campus Val Benoit volledig verlaten. Sinds 2013 zijn er werken aan de gang om de volledige campus te rehabiliteren. Een deel zal door bedrijven worden ingenomen en een ander deel zal omgevormd worden tot studentenkamers.

 

 

Pritzer Fac

Elektrotechniek was aan het einde van de 19de eeuw een discipline die maar weinig onderwezen werd. In 1881 bezocht de stichter van dit college de Internationale Expositie van Elektriciteit (Parijs 1881). Hij was meteen overtuigd van de noodzaak om hierover een aparte afdeling op te richten aan de universiteiten. Nauwelijks twee jaar later werd de afdeling elektrotechniek opgericht. Ze maakte deel uit van de toenmalige mijnbouwschool van de plaatselijke universiteit.

Oorspronkelijk vestigde de universiteit de nieuwe afdeling in een auditorium van het centrale gebouw. Omwille van het snel stijgende succes van de afdeling was al snel meer ruimte nodig. Die vond men toen de Belgische staat deze ruime lokalen ter beschikking stelde. Ze waren tot dan als gewone school gebruikt geweest,

De faculteit werd uitgebreid en volledig uitgerust dank zij een royale donatie van de stichter van het college. Ze kon vanaf dan 300 studenten ontvangen. Dezelfde weldoener kocht ook het voormalige hotel aan, dat zich vooraan het huidige terrein bevindt. Hij bouwde het gebouw om tot bibliotheek en leeszaal voor de studenten en schonk het aan de associatie van elektrotechnische ingenieurs, afgestudeerd aan het college.

Door de veroudering van de gebouwen begon de faculteit van het einde van de jaren 1970 stilaan weg te trekken naar een nieuwe locatie. De gebouwen op deze site werden geklasseerd als monument. De gebouwen zelf medio jaren 1990; de gevels en de daken echter pas in 2011.

 

 

 

Scroll Up