universiteit

image_pdfimage_print

Institut de Pathologie

Door de toenemende studentenbevolking in de late jaren 1870 en de bij wet opgelegde verplichting om over voldoende ruimten voor practica en laboratoria te beschikken, voldeden de her en der verspreide gebouwen waar geneeskunde onderricht werd niet langer en diende zich de noodzaak aan om nieuwe, aangepaste gebouwen op te richten. Achter het reeds bestaande gasthuis werd door de universiteit een domein met tuin aangekocht van een adellijke familie. Dank zij een schenking van de ultramontaanse bisschop van Luik kon nog datzelfde jaar worden gestart met de opmaak van de plannen. Voor het ontwerp werd beroep gedaan op een jonge hoogleraar verbonden aan de Faculteit Toegepaste Wetenschappen. Kort daarop werd de bouwaanvraag door de stad goedgekeurd en nog geen jaar later, in 1877, werd het instituut met veel luister ingehuldigd. Het instituut werd opgetrokken in neogotische stijl en omvatte een auditorium voor 200 studenten met aanleunend een dissectiezaal en was via het binnengebied rechtstreeks verbonden met het meer noordoostelijk gelegen gasthuis. In de loop der jaren werd het complex nog uitgebreid met auditoria, laboratoria en dissectiezalen. Sinds enkele jaren staat het gebouw grotendeels leeg. Het pathologisch instituut is tot op heden nog deels in gebruik.

 

 

Val Benoit

De universiteitssite van Val Benoit is een architecturaal geheel in modernistische stijl, dat zijn naam dankt aan het feit dat op deze plaats ooit een abdij van de orde der cisterciënzers gevestigd was, die er gesticht werd in de 13de eeuw. Ingevolge de Luikse Revolutie werd ze gedeeltelijk gesloopt. Gedurende te Tweede Wereldoorlog werd wat er nog van overbleef verwoest door bombardementen. Tussen 1930 en 1965 ontwikkelde de universiteit van Luik, op zoek naar uitbreidingsmogelijkheden voor de toename aan studenten, er een aantal faculteiten, waaronder dit instituut voor toegepaste chemie en metallurgie. Het gebouw werd in 1937 in aanwezigheid van Leopold III ingehuldigd. Vanaf 1967 week de universiteit stelselmatig uit naar de nieuwe, centrale site in Sart-Tilman. Vanaf 2006 werd de campus Val Benoit volledig verlaten. Sinds 2013 zijn er werken aan de gang om de volledige campus te rehabiliteren. Een deel zal door bedrijven worden ingenomen en een ander deel zal omgevormd worden tot studentenkamers.

 

 

Pritzer Fac

Elektrotechniek was aan het einde van de 19de eeuw een discipline die maar weinig onderwezen werd. In 1881 bezocht de stichter van dit college de Internationale Expositie van Elektriciteit (Parijs 1881) en was meteen overtuigd van de noodzaak om hierover een aparte afdeling op te richten aan de universiteiten. Nauwelijks twee jaar later werd de afdeling elektrotechniek opgericht in de schoot van de toenmalige mijnbouwschool van de plaatselijke universiteit. Oorspronkelijk werd de afdeling gevestigd in een auditorium van het centrale gebouw van de universiteit. Door het snel stijgende succes van de afdeling moest echter al snel naar een andere oplossing gezocht worden. Die werd gevonden toen de Belgische staat deze ruime lokalen, die tot dan als gewone school gebruikt waren geweest, ter beschikking stelde. Dank zij een royale donatie van de stichter van het college, die zelf fortuin maakte als patenthouder van een legeringsprocedé dat vooral in de telefonie gebruikt werd, kon de faculteit uitgebreid en volledig uitgerust worden om er 300 studenten te accommoderen. Het voormalige hotel, vooraan het huidige terrein, werd door dezelfde mecenas aangekocht en geschonken aan de associatie van elektrotechnische ingenieurs, afgestudeerd aan het college. Dit gebouw bevatte een bibliotheek en een leeszaal voor de studenten.

Door de veroudering van de gebouwen begon de faculteit van het einde van de jaren 1970 stilaan weg te trekken naar een nieuwe locatie. De gebouwen op deze site werden geklasseerd als monument. De gebouwen zelf medio jaren 1990; de gevels en de daken echter pas in 2011.

 

 

 

Scroll Up