Ontspanning

image_pdfimage_print

Ciné Théatre Varia

Ciné Théatre Varia (in de volksmond Ciné Varia) is een atypisch gebouw in de Belgische betongeschiedenis, een overblijfsel uit de gouden eeuw van de stille cinema. De Luikse architect Eugène Claes (1886-1947) ontwierp het gebouw in 1911, geïnspireerd door industriële tentoonstellingen en internationale evenementen, die tegelijkertijd plaatsvinden in de grote Belgische steden. Hij kiest resoluut voor de Art Nouveau, die op dat moment floreert in heel Europa. Hij gebruikt beton als decoratieve elementen voor de gevel, bestaande uit balken en kolommen met baksteenvulling en versierd met cementdecoraties. Echter, het auditorium, met een capaciteit van 1.100 toeschouwers is ontworpen in staal, Art Nouveau-stijl met een metalen frame om het geheel te bekronen. Uit brandveiligheidsoverwegingen bij het vertonen van films, wat toen gebeurde door middel van een procédé met brandbare hars (vandaar de naam “film flamme”), moest het ontwerp te elfder ure worden aangepast en werd het beton doorgetrokken naar het volledige ontwerp van het theater. De bouw werd voltooid in 1913, maar pas ingehuldigd in 1917. De Varia kan met trots terugblikken op beroemdheden zoals Bourvil, Adamo, Fernandel en Johny Halliday, die tijdens de gouden jaren 1950 en ’60 het podium bevolkten. In de jaren 1980 ging het echter zienderogen achteruit voor het eens zo populaire theater. Mede omwille van bezorgdheid omtrent de stabiliteit van het gebouw, valt het doek voor de Varia definitief in 1986. De gevel van het gebouw werd in 1992 geklasseerd als monument en staat momenteel ook nog steeds in de steigers voor renovatie. Voor de rest van het gebouw ziet de toekomst er minder rooskleurig uit. Dat deel is immers niet geklasseerd en schattingen voor de renovatie ervan lopen op tot maar liefst 5 miljoen euro… 

 

 

Therme Bleu

Al in de Gallo-Romeinse tijd was hier een spa. Dankzij een roman waarin de schoonheid van een herderin wordt toegeschreven aan de kwaliteit van de wateren van dit dorp, komt het stadje plots in het middelpunt van de belangstelling. In 1845 wordt dit prachtige kuuroord geopend. Het heeft een uitstekende reputatie tot het einde van de 19de eeuw, maar stort rond de eeuwwisseling zonder duidelijke reden in. Bijna 100 jaar later wordt op dezelfde plek geprobeerd om het eens beroemde bronwater te bottelen en te verkopen als een topproduct, gericht op de rijke klantenkring van luxe hotels en restaurants van het Arabische schiereiland. Het project blijkt echter een commercieel falen te zijn en het bedrijf sluit uiteindelijk in 2014…

 

 

Piscine Mai

In de jaren 1970 vatte de Franse overheid het plan op om de zwemsport toegankelijk te maken voor alle Fransen. Het project, dat liep tot het begin van de jaren 1980, kreeg de naam “1000 piscines” mee en bood gemeenten de mogelijkheid om tegen een bescheiden kostprijs een standaard zwembad te bouwen. Er werden verscheidene types ontworpen, maar het type “tournesol” oogstte het meeste bijval. Er werden er in totaal 183 gebouwd, waarvan 26 in het noorden van Frankrijk. Vandaag is zowat de helft van de tournesol-baden gesloten of vernield. Anderen zijn gerehabiliteerd, soms op een verrassende manier. Bij de ingang van dit oude gemeentelijke zwembad valt al meteen de algehele teloorgang op: stukgeslagen ramen, afgescheurde patrijspoorten, lelijke grafitti en geen spoor meer van de typerende gele PVC-kleedcabines, die mee de glorie van de piscines tournesols maakten.

De koepel in polyester tegels, ontwikkeld door de ingenieur Thémis Constantinidis, bestaat uit 36 ​​metalen bogen, waaronder 12 intrekbare, waardoor tijdens de zomer het zwembad onder een hoek van 120° kon worden opengemaakt. Een boog op twee wordt doorboord met 7 patrijspoorten, wat bijdraagt ​​aan het futuristische uiterlijk van het ontwerp. Dit vliegende schotelvormige zwembad zal ongetwijfeld duizenden Franse schoolkinderen hebben gecharmeerd…

In een poging het lelijke effect van de grafitti te minimaliseren, heb ik deze reeks in zwart/wit bewerkt…

 


 

Piscine Bel Air

Onder urban explorers is deze plaats vooral populair vanwege het prachtige zwembad, dat een zekere Griekse uitstraling heeft. Het lukte me jammer genoeg niet om de precieze geschiedenis van deze plaats te achterhalen, maar het lijkt erop dat het een soort privé-club was. Naast het zwembad, was de hele kelder ingericht als een kleine bar annex disco. De rest van het huis, vanaf het grondniveau omhoog, was stevig vergrendeld. We vonden ook een mooie tuin, met twee overwoekerde autowrakken erin en een mooie, kleine waterpartij … Al met al een leuk bezoek.

 

 

Death Disco

Oorspronkelijk ontstaan in de jaren 1990, was Death Disco jarenlang een begrip bij de feestvierders uit de omgeving. Een tiental jaar geleden nam de huidige eigenaar, die toen zelf al enkele jaren in de dancing werkte, de zaak over en herdoopte ze. Door het duurder wordende leven en de dalende koopkracht van jongeren, ging het echter vrij snel bergafwaarts met de danstempel en al gauw begonnen de schulden zich op te stapelen. Iets minder dan een jaar geleden zag de uitbater geen andere uitweg meer dan de boeken neer te leggen. Sindsdien is de zaak in handen van een curator. Aangezien er zo goed als geen lichtinval was, was fotograferen op deze locatie een hele uitdaging. Meer dan deze 5 beelden heb ik er niet kunnen uithalen…

 

 

Chateau Cinderella

Ik ben er (nog) niet in geslaagd de geschiedenis van dit charmante kasteel te achterhalen, buiten het feit dat de recentste activiteit die er plaatsvond de uitbating van een restaurant met enige standing was. Het restaurant ging al vele jaren geleden op de fles en het mooie kasteel staat sindsdien te verkommeren. Niet dat er geen interesse is, maar potentiële investeerders botsen telkens weer op een solide muur van reglementitis inzake stedenbouw en ruimtelijke ordening…

 


 

Dancing Pilsor Lamot

Kleine plaatselijke dancing in mijn eigen omgeving, die al zo lang ik me kan herinneren leeg staat… Mooi verval en enkele mooie glas-in-lood ramen, maar verder helemaal leeggehaald. de geschiedenis ervan is me voorlopig nog een raadsel…

 


 

Keeping up Appearances

Informatie over dit kasteeltje is schaars. Het neoclassicistisch hoofdgebouw met Italiaanse invloeden dateert van de tweede helft van de 19de eeuw en zou naar verluidt tijdens de Eerste Wereldoorlog dienst gedaan hebben als Hauptkommandantur. In recentere tijden werd het hoofdgebouw uitgebreid met een aanbouw, wellicht naar aanleiding van de intentie om het kasteel om te bouwen tot hotel en restaurant. Het hotel met restaurant genoot lange tijd naam en faam, maar ontsnapte uiteindelijk niet aan de crisis en moest in 2009 de boeken neerleggen. Twee jaar later werd de zaak heropend in een nieuw jasje, met een nieuw concept: de hotelkamers maakten plaats van conferentie- en vergaderruimten en de keuken werd voorzien van chefs met ronkende namen. In 2014 liep het echter opnieuw mis en sloot de sterrenzaak opnieuw en definitief de deuren…

 

 

Alla Italia

Dit imposante, twee etages tellende badhuis in neo-renaissancestijl was het derde in zijn soort dat in deze stad werd opgericht. Dit derde badhuis werd gebouwd tussen 1862 en 1868 en werd in de zomer van 1868 plechtig ingehuldigd door de toenmalige burgemeester. Het gebouw kostte de stad 1,5 miljoen Belgische Frank (ongeveer 37.500 euro), hetgeen voor die tijd een astronomische som was. Het badhuis was in oorsprong een hydro-therapeutisch complex en bestond uit tal van cabines en zalen met allerlei soorten lig- en zit- en dompelbaden, douches onder hoge druk en gewone douches tot zelfs voetbaden. Het badhuis zou in zijn 135-jarige bestaan uitgroeien tot een waar succesverhaal. Eind jaren 1960 werden er jaarlijks meer dan 165.000 baden gegeven! In de loop der jaren werden er verscheidene moderniseringen aangebracht. Vanaf 2003 werden de activiteiten in dit gebouw echter volledig gestaakt na de opening van een nieuw badhuis. Het gebouw werd geklasseerd als bouwkundig erfgoed, niet in het minst omwille van de beeldhouwwerken van Jacques Van Ornberg en de gebroeders Van Den Kerkhove en de decoratieve schilderwerken van Paul-Joseph Carpay in onder meer de inkomhal.

 


 

Domain S

In Domain S, een gigantisch park, gelegen langs een kanaal, bevinden zich deze restanten van wat ooit een drank- en eetgelegenheid was voor de bezoekers van het park. De zaak werd tot aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog uitgebaat in het geel geschilderde vierkante paviljoen. De toeristen werden aangevoerd met een “waterkoets”, een vaartuig dat voortgetrokken werden door een paardenspan die langs het jaagpad liepen. Toen het toerisme stilviel door de oorlog, betekende dat de doodsteek voor de horecazaak. Later werd het goed nog bewoond door de boswachter die toezicht hield over het park. Het valt niet meer te achterhalen wanneer de laatste bewoners vertrokken. Het gedeelte van het gebouw dat de twee resterende delen met elkaar verbond, is reeds lang verdwenen. Het dieper in het domein gelegen gedeelte wordt nog gebruikt als schuur. De ruïne van het vierkante paviljoen blijft verder vervallen en wordt stilaan teruggenomen door de natuur.

 

 

End of Transmission

Vanuit dit zendstation werden ruim dertig jaar lang een aantal radioprogramma’s van de nationale omroep uitgezonden. De bijhorende zendmasten, die gedurende al die tijd een bepalend element in het landschap waren, zorgden voor heel wat hinder voor de omwonenden. De sterke vermogens van de radiogolven werden immers ook door allerlei elektrische apparaten opgepikt, van (mobiele) telefoons over babymonitors tot zelfs lampen en keukenapparaten… Sinds 2009 werden de zendmasten minder gebruikt en nam ook de hinder af. Op 1 januari 2012 werd er volledig gestopt met de uitzendingen. De site werd inmiddels verkocht en zal – als het van de gemeente afhangt – plaats ruimen voor een woonproject. Een nieuwe vergunning voor zware zendapparatuur zit er alleszins niet in.

 

 

Grand Hotel Regnier

Het Grand Hotel Regnier maakt deel uit van een cluster hotels en restaurants langs de Maas. De eerste toeristische activiteit in de omgeving gaat terug tot een herberg van veerman Ferdinand Martinot in 1876. Dit hotel, dat oorspronkelijk Grand Hotel de Waulsort heette, werd in 1904 gebouwd, maar werd in 1914 overgenomen door de familie Regnier, waarna het als Grand Hotel Regnier bekend raakte. Door de goede treinverbinding en de ligging in de ongerepte natuur langs de betoverende Maas worden veel toeristen naar de regio gelokt en ontstonden er tal van kleine horecabedrijfjes. In 1934 telde men nog elf hotels, tien cafés, twaalf winkels en twaalf ambachtsbedrijven. Het Grand Hotel Regnier zou het eerste hotel in Europa zijn dat de luxe van een eigen ondergrondse parking bood. Vanwege veroudering van de gebouwen en verschuivingen in de toeristische sector verloor het hotel zijn vroegere aantrekkingskracht, tot het door de crisis eind jaren 1980 en begin jaren 1990 niet langer het hoofd boven water kon houden en noodgedwongen de deuren sloot.

 

 

Chateau Ambiance

Chateau Ambiance, bijna 50 jaar geleden opgericht,  was ooit een klassezaak, waar ronkende namen als Charles Aznavour en prins Albert van België tot het cliënteel mochten gerekend worden.  In 2008 namen de oprichters van de zaak afscheid van wat inmiddels hun levenswerk was geworden. Na decennia hun ziel in de zaak te hebben gestoken, werd ze overgelaten aan een Franse overnemer en zijn echtgenote. Het duurde echter niet lang voor het bergafwaarts ging met Chateau Ambiance. De oprichters, die nog steeds naast Chateau Ambiance wonen, konden niet anders dan met lede ogen toezien hoe hun levenswerk naar de verdoemenis werd geholpen door de malafide overnemers. In 2011 ging de zaak over kop en vertrokken de overnemers met de noorderzon, een schuldenberg van 3,5 miljoen euro achter zich latend. Ze werden veroordeeld voor frauduleus faillissement. De inboedel van Chateau Ambiance werd openbaar verkocht om een deel van de schuldenput te dempen, maar een nieuwe overnemer werd nooit gevonden. Vandaag is de toestand van het gebouw zo lamentabel dat slopen de enige uitweg is. Eerstdaags zal wat nog overblijft van Chateau Ambiance dan ook met de grond gelijk gemaakt worden om plaats te ruimen voor een nieuwe residentiële verkaveling.

 


 

Hotel au Paradis

Dit hotel met restaurant werd opgericht in 1979 en bouwde voor zichzelf al vrij snel een sterke reputatie op, die in 1993 resulteerde in een ster in de Michelingids en behield die ster ook tot in 2012. In 2011 liet de oprichter van de inmiddels vermaarde horecazaak zijn sterrenkeuken over aan zijn schoonzoon, die eveneens chef-kok is. Zijn dochter naam de zaalbediening voor haar rekening. In 2013 werd de sterrenzaak plots en schijnbaar zonder enige aanleiding gesloten, waardoor al snel de geruchtenmolen op gang kwam. De zaak zou failliet zijn en de oprichter zou zelfmoord gepleegd hebben… Even plots als Hotel au Paradis werd gesloten, verscheen de oprichter terug op het toneel. Zijn schoonzoon en dochter bleken te zijn vertrokken naar Frankrijk, waar de schoonzoon een aanbieding had aangenomen om te gaan werken in een driesterrenrestaurant en hij had even tijd nodig om dit te verwerken en om de menukaart te herschrijven. Niet veel later liep het echter helemaal mis en bleek Hotel au Paradis gebukt te gaan onder een zware schuldenlast. Een herstellingsplan kon geen soelaas meer bieden en in 2013 werd Hotel au Paradis failliet verklaard. De inboedel werd openbaar verkocht, maar voor de terreinen en gebouwen werd geen koper gevonden. Sindsdien gaat het goed zienderogen achteruit. Inbraken, diefstallen en vandalisme hebben de voormalige sterrenzaak herleid tot een ruïne.

 

 

Cabardouche

Je komt ze wel vaker tegen langs drukke wegen, de huisjes van plezier. Soms zie je er een handvol bij elkaar, een ‘chaussée d’amour’, zeg maar… Deze zaak werd wellicht slachtoffer van de economische recessie. Of misschien werd er geen geschikt personeel gevonden? Het pand staat alleszins al meerdere jaren leeg. Op de meeste plaatsen bleef het relatief goed bewaard, maar in sommige ruimten is het verval zeer duidelijk.

 


 

Pete’s Hotel

De geschiedenis van Pete’s Hotel gaat terug tot 1876. De toenmalige café-fermette werd gaandeweg uitgebouwd tot een klassevolle horecazaak, die in haar gloriejaren zelfs een notering kreeg in de Michelingids. Toen wijlen Koningin Fabiola in de jaren 1970 de streek bezocht, lunchte ze in het inmiddels vermaarde Pete’s Hotel. Wegens de hoge leeftijd van de uitbaters en het gebrek aan opvolging moest de zaak noodgedwongen de deuren sluiten in 2005. Het gebouw werd verkocht en er circuleerden al snel geruchten dat het zou gesloopt worden om plaats te ruimen voor nieuwbouw appartementen. Twaalf jaar later staat het gebouw er nog steeds, zij het in een wel zeer verloederde staat… De naam Pete’s Hotel is afgeleid van de vele werken van de bekende graffiti artiest Pete One.

 

 

Bloso Pool

Als kind kwam ik hier met het hele gezin zwemmen. Nou ja, ‘zwemmen’… In het water ploeteren! ? Deze locatie bevindt zich immers maar op enkele kilometers van mijn deur. Ik kwam de afgelopen jaren bijna wekelijks in het domein om te wandelen met mijn honden of om te joggen en kwam hier dus ettelijke honderden keren voorbij zonder ook maar één ogenblik te vermoeden welk pareltje er achter dat struikgewas verscholen lag…

Toen ik als beginnend urbexer op afbeeldingen van deze locatie stootte, wist ik meteen wat en waar dit was. Omdat ik deze locatie tot nu toe telkens in mijn eentje bezocht, heb ik nog nooit de volledige locatie onderzocht. Er zijn enkele gebouwen, die ik liever niet alleen betreed…

Dit verlaten openluchtzwembad situeert zich in een 160 ha groot recreatiedomein. Het zwembad, 50 bij 100 meter, was jarenlang het grootste in zijn soort in Europa. In 1978 raakte het zwembad in onbruik en sinds 1990 werden de omliggende gebouwen, kleedkamers en cafetaria verlaten…

 

 

Scroll Up