Month: maart 2019

image_pdfimage_print

Tangerine Dream

Tja, wat kan ik hierover vertellen? Een oude, afgetakelde Volkswagen Kever in een al even oude en afgetakelde garage ergens in the middle of nowhere. Hoeveel foto’s kan je daar van maken? Wel, blijkbaar toch een achttal…

 

 

Ciné Théatre Varia

Ciné Théatre Varia (in de volksmond Ciné Varia) is een atypisch gebouw in de Belgische betongeschiedenis, een overblijfsel uit de gouden eeuw van de stille cinema. De Luikse architect Eugène Claes (1886-1947) ontwierp het gebouw in 1911, geïnspireerd door industriële tentoonstellingen en internationale evenementen, die tegelijkertijd plaatsvinden in de grote Belgische steden. Hij kiest resoluut voor de Art Nouveau, die op dat moment floreert in heel Europa. Hij gebruikt beton als decoratieve elementen voor de gevel, bestaande uit balken en kolommen met baksteenvulling en versierd met cementdecoraties. Echter, het auditorium, met een capaciteit van 1.100 toeschouwers is ontworpen in staal, Art Nouveau-stijl met een metalen frame om het geheel te bekronen. Uit brandveiligheidsoverwegingen bij het vertonen van films, wat toen gebeurde door middel van een procédé met brandbare hars (vandaar de naam “film flamme”), moest het ontwerp te elfder ure worden aangepast en werd het beton doorgetrokken naar het volledige ontwerp van het theater. De bouw werd voltooid in 1913, maar pas ingehuldigd in 1917. De Varia kan met trots terugblikken op beroemdheden zoals Bourvil, Adamo, Fernandel en Johny Halliday, die tijdens de gouden jaren 1950 en ’60 het podium bevolkten. In de jaren 1980 ging het echter zienderogen achteruit voor het eens zo populaire theater. Mede omwille van bezorgdheid omtrent de stabiliteit van het gebouw, valt het doek voor de Varia definitief in 1986. De gevel van het gebouw werd in 1992 geklasseerd als monument en staat momenteel ook nog steeds in de steigers voor renovatie. Voor de rest van het gebouw ziet de toekomst er minder rooskleurig uit. Dat deel is immers niet geklasseerd en schattingen voor de renovatie ervan lopen op tot maar liefst 5 miljoen euro… 

 

 

Prison H7

Prison H7 was het ‘cachot’ van een militair complex in een Belgische grootstad. De gebouwen werden opgericht in eclectische stijl tussen 1890 en 1905, op basis van een ontwerp door de architecten de Noyette en Geerling. De kazerne neemt alles bij elkaar een oppervlakte van ruim 2 hectaren in beslag en kon zo’n 1300 militairen kazerneren. Op 1 oktober 1907 nam het 2 Linie Regiment zijn intrek in de kazerne. Tijdens de beide wereldoorlogen werd de kazerne bezet door Duitse troepen. Na de bevrijding keerde het 2de Linie Regiment niet terug naar zijn kazerne. Vanaf 1955 werd de kazerne bemand door het Centrum van de Gezondheidsdienst. Het Opleidingscentrum verzorgde de opleiding van de officieren en de brancardiers van de Gezondheidsdienst. Naar aanleiding van herstructureringen van de krijgsmacht werden enkele gebouwen verkocht aan de stad, die er sinds 2007 het Hoger Instituut voor Schone Kunsten in onderbracht. Andere delen van de kazerne zijn nog steeds eigendom van het Belgisch leger. Half maart 2019 begonnen de reconversiewerken die van de kazerne een duurzame stadsbuurt moeten maken, waar wonen, werken en recreatie elkaar ontmoeten.

 

 

Bernina’s Brother

Na een grote brand, die aan het einde van de 17de eeuw bijna 600 houten huizen verwoestte in het centrum van de stad, was dit prachtige herenhuis een van de zeldzame eerste stenen burgerlijke gebouwen van de stad. Het gebouw werd opgetrokken in Lodewijk XVI-stijl, een eerder sobere en symmetrische stijl, gekenmerkt door classicistische versieringen, zoals hier de houten dakkapellen en het driehoekige fronton. In de 19e eeuw vestigden de toenmalige eigenaars een katoenfabriek op de site, die dankzij een verstandig beheer en tijdige modernisering tijdens de Industriële revolutie uitgroeide tot een succesvol bedrijf. In het begin van de 20ste eeuw worden de gebouwen verkocht en herbestemd tot een vak- en ambachtschool die al snel van groot belang bleek te zijn voor de ontwikkeling van de textielindustrie van de stad. In 2008 trekken de laatste leerlingen weg uit deze historische gebouwen. Inmiddels werd het gehele complex verkocht aan een projectontwikkelaar, die er met respect voor de historische gebouwen een nieuw woonproject zal realiseren. Deze werken zijn momenteel volop aan de gang.

 

 

Scroll Up